|
De koffie en taart brengt niet direct een antwoord op de
vraag waar we naar toe zouden rijden. Verschillende voorstellen passeren de
revue: Ronse, Oudenaarde, Ieper,
Doornik, .... .
Dit jaar hebben we utieraard nog niet veel
plaatsen aangedaan, het is tenslotte onze eerste rit van 2008.
Uiteindelijk kiezen we voor Kemmel,
café den Ekster, waar we reeds een tijdje geleden waren.
We kiezen voor een alternatief parkoers (niet Kortirjk-Menen-Ieper-Kemmel)
en rijden eerst naar Sente, zo rijden we voorbij de in aanbouw zijnde
showroom van Berlico (daar waar Joost zijn dagen slijt). Verder
naar Sint-Eloois-Winkel, Moorslede en Dadizele. Een flauw zonnetje, en al bij al weinig last
van de wind, maakt het heel aangenaam rondtoeren.
Niettegenstaande we hadden afgesproken om toch maar op de grotere banen te
blijven, geraken we na Dadizele toch op
landwegen. Geen nood alles ligt er droog bij, en blijkbaar nog niet te veel
boeren die op het land werken, want modderklodders zijn er neit te zien. Er is echter wel veel grint op de wegen
en dat is iets verradelijk, altijd heel goed
opletten want dat is een gevaarlijk goedje voor motorijders.
Na een uurtje heel gezellig rondtoeren rijden we Kemmel binnen, waar er een paar druppels motregen
vallen eigenlijk het klappen niet waar. We vragen ons eerst af of we de nieuwe
passage van de Gent-Wevelgem eens moeten testen, maar met de regen
nemen we toch het risico niet.
Wat wat voorbij de Kemmelberg richting den Ekster, waar het altijd
heel moeilijk is om te parkeren. In
Den Ekster is het
altijd aangenaam, en is er wel altijd iemand die je kent, nu ook weer zijn
we niet de enige "Ezels".
De bediening, waarschijnlijk de patron, komt
redelijk vlug opnemen. Hij vraagt eerst aan de heren wat er wordt gedronken
en dan vraagt hij ook: 'Wat moeten de dames hebben??', eigenaardig genoeg
kijkt hij bij het stellenv an
deze vraag richting Joost. Dat doet ons natuurlijk een rare
veronderstelling maken, en zowel de waard als Joost zijn direct mee.
Wat Janettenpraat weg en weer, maakt duidelijk
dat iedereen het heel goed vestaan heeft.
Eéntje is genoeg, het is tenslotte nog altijd
winter (alhoewel de temperaturen dit niet laten blijken) dus redelijk vroeg
donker.
We nemen zouals gebruikelijk een andere weg
terug: Loker, Dikkebus,
Geluveld en Geluwe
brengt ons tot in Menen, iets frisser, maar nog altijd zalig winter-motor-weer. Nog een minder aangenaam stukje
tussen Menen en Kuurne, maar op het einde ligt de Kroone,
dus de ongemakken van stoppen, aanschuiven en starten worden op het einde
ruim gecompenseerd.
We sluiten een heel aangename eerste rit af in de Kroone.
|